De Rotterdamse haven heeft een gemengd jaar achter de rug. Daalde in 2024 de containeroverslag licht, vorig jaar nam die iets toe terwijl de overslag overall juist achteruit ging. Dat blijkt uit de jaarcijfers van het Havenbedrijf.
Volgens het Havenbedrijf was in de tweede helft van het jaar sprake van herstel in vrijwel alle overslagsegmenten. De groei in containers werd vooral gedreven door een stijging van importvolumes uit Azië (+9,3%) en een toename van handelsstromen met Noord-Amerika (+13,6%). Tegelijkertijd leidde de verslechterde concurrentiepositie van de Europese industrie tot lagere exportvolumes en meer lege containers. Door drukte aan de terminals week bovendien een deel van het transhipmentverkeer uit naar andere havens, wat resulteerde in een daling van 15,9% in dit segment.
Uitdagend jaar Rotterdamse haven
CEO Boudewijn Siemons: “We kijken terug op een uitdagend jaar, waarin chemische en logistieke bedrijven in onze haven onder grote druk stonden en de Europese industrie werd geraakt door toenemende mondiale concurrentie. Dit alles speelde zich af tegen de achtergrond van verder oplopende geopolitieke spanningen. Juist onder zulke omstandigheden blijft een goed functionerende haven van essentieel belang voor de welvaart, economische ontwikkeling en strategische relevantie van Nederland en Europa. Blijvende focus op weerbaarheid, wendbaarheid en intensieve samenwerking op nationaal en Europees niveau zijn daarbij cruciaal – zowel voor de logistieke keten als voor de industrie.”
Bulksegmenten drukken volume
De daling van de totale overslag werd vooral veroorzaakt door lagere volumes in bulkstromen. Droog massagoed nam met 6,5% af, onder meer door een scherpe terugval in ijzererts en kolen als gevolg van de zwakke positie van de Europese staalindustrie. Ook nat massagoed liet een lichte daling zien (-1,5%), ondanks groei in ruwe olie en LNG-overslag. LNG steeg met 15,1% doordat Europese gasvoorraden opnieuw moesten worden aangevuld.
Binnen stukgoed ontwikkelden de volumes zich positiever. RoRo-overslag groeide met 0,9% tot 25,6 miljoen ton, terwijl overige breakbulk met 4,6% toenam dankzij hogere staaloverslag, offshore-windprojecten en extra aluminiumstromen richting Europa.
Investeringen en concurrentiepositie onder druk
Financieel bleef het Havenbedrijf stabiel opereren. De opbrengsten stegen naar 940,4 miljoen euro en de EBITDA kwam uit op 583,6 miljoen euro (+3,6%). Het nettoresultaat daalde licht naar 266 miljoen euro, terwijl de investeringen uitkwamen op 291,4 miljoen euro.
Tegelijkertijd blijven zorgen bestaan over het investeringsklimaat. Sluitingen in de chemische industrie en uitgestelde projecten, met name rond hernieuwbare brandstoffen, drukken op de industriële basis van het havengebied. Volgens het Havenbedrijf zijn recente kabinetsmaatregelen positief, maar nog onvoldoende om het speelveld met andere Europese landen gelijk te trekken.
Weerbaarheid en verduurzaming
Naast economische uitdagingen groeit het belang van veiligheid en strategische autonomie. Door de veranderende geopolitieke situatie wordt defensielogistiek belangrijker en wordt geïnvesteerd in cyberweerbaarheid en detectie van ongewenste drones. Tegelijkertijd lopen grote verduurzamingsprojecten door, waaronder de bouw van waterstoffabrieken, het CO₂-opslagproject Porthos en de aanleg van een internationaal waterstofnetwerk.
Met de Havenvisie 2050 zetten overheid en bedrijfsleven in op een haven die concurrerend, duurzaam en weerbaar blijft. Volgens het Havenbedrijf zijn daarvoor consistente, langjarige beleidskeuzes en een aantrekkelijk investeringsklimaat essentieel om de positie van Rotterdam als logistieke draaischijf van Europa te behouden.


