Marktnieuws

Van Gogh Museum Enterprises is verantwoordelijk voor de officiële merchandise van het Van Gogh Museum. Vanuit het distributiecentrum in Diemen worden iedere dag gemiddeld 10.000 artikelen verzonden, hoewel de output tijdens de coronacrisis logischerwijs wat lager ligt. Omdat het Van Gogh Museum hoge eisen stelt aan de producten die men verkoopt, moet ook het warehouse in topconditie zijn, vindt hoofd logistiek en planning Peter Vogler: “Je kijkt je ogen echt uit hier.”

Ploeterleven

Vincent van Gogh beklaagde zich in de winter van 1883, in brieven aan zijn broer Theo, over zijn constante gebrek aan geld. De mensen die zijn schilderijen kochten waren ‘onverzadigbare geldwolven’ die er enkel op uit waren om winst te maken, terwijl hijzelf en Theo de ‘kundigheden, handigheden en bekwaamheden’ misten ‘waarmede anderen rijk worden’.

Van Gogh stierf in 1890 onbekend en onbemind, nadat hij zich met een pistool in de velden van Auvers-sur-Oise, boven Parijs, in de borst had geschoten. Hoe ironisch dat uit dit tragische ploeterleven een bloeiende handel is ontstaan; Van Goghs schilderijen zijn wereldberoemd en ook de merchandise rondom het leven en werk van de schilder draait op volle toeren.

“Het is bizar. Als Van Gogh in deze tijd had geleefd en had kunnen zien wat er allemaal van hem verkocht wordt, dan zou hij gek zijn geworden, denk ik”, aldus Vogler.

Vanuit het dc worden de artikelen verzonden naar museumwinkels, warenhuizen en andere klanten over de hele wereld.

Van reproductie tot poncho

Museumdochter Van Gogh Museum Enterprises ontwikkelt producten en diensten ‘geïnspireerd op het leven en werk van Vincent van Gogh’ en levert ‘inspiratie, expertise en authenticiteit’, zo valt er op de website te lezen.

De exploitatie begon in 1990. Inmiddels zijn er 1400 verschillende Van Gogh-artikelen te koop: reproducties van Zonnebloemen (1888), Amandelbloesem (1890) en Korenveld onder onweerslucht (1890), geurkaarsen, boeken, mokken, kaarten, sjaals, bordspellen, kussenhoezen, tassen en koffers. En er zijn zelfs sushisausschaaltjes, peper- en zoutstellen, poncho’s, paraplu’s en stroopwafelblikken te verkrijgen met een verwijzing naar Van Gogh. Vogler: “Je kunt het zo gek niet bedenken of we hebben het wel.”

Veel namaak

Er is echter veel concurrentie op de markt, want overal op de wereld worden producten geproduceerd en verkocht met op Van Gogh geïnspireerde beelden. Maar alléén als het logo van het museum op het artikel staat, weet de klant dat de afzender het officiële Van Gogh Museum is. “Daarmee hebben wij een eigen merk gecreëerd”, zegt Vogler. “Dat merk wint wereldwijd aan steeds meer bekendheid en dat is supergaaf om te zien. Een paar voorbeelden: in 2018 hebben wij samen met Vans Van Gogh-schoenen ontworpen. Binnen een paar uur waren er honderdduizenden paren wereldwijd besteld! De Van Gogh-koffers van Samsonite zie je ook steeds vaker op de vliegvelden terug en de monopoly-bordspellen van Van Gogh liggen niet alleen in de museumwinkels, maar bieden we ook via onze officiële museumwebshop en in het Engels aan. Monopoly is immers een spel dat iedereen over de wereld kent. Het mooie is dat je spelenderwijs wat over het leven en de werken van Van Gogh kan leren. Dat vinden we erg belangrijk. En al die producten hebben dus ons eigen logo.”

Jean Heybroek, onderdeel van Koninklijke Royal Reesink, leverde de schoonmaakmachines.

E-commerce neemt vlucht

Vanuit het dc in Diemen worden de artikelen verzonden naar museumwinkels en warenhuizen over de hele wereld (B2B) en naar klanten die bestellingen doen via de museumwebshop (B2C). “In China heb je bijvoorbeeld Van Gogh-restaurants. Zij kopen hun spullen dan bij ons in”, legt Vogler uit. “Het Van Gogh Museum heeft vier winkels in Nederland: drie in het museum zelf (waarvan één specifiek voor boeken) en eentje daarbuiten op het Museumplein. We komen 365 dagen per jaar naar deze winkels en brengen er iedere dag 10.000 SKU’s naartoe. In het hoogseizoen kan dat aantal zelfs oplopen tot 11.000 SKU’s. En dan tel ik de internationale markt nog niet eens mee…”

De piekperiode voor het dc van Van Gogh Museum Enterprises begint wanneer ‘de bloembollen in De Keukenhof beginnen boven te komen’, legt Vogler uit: “Veel mensen hebben in die periode vakantie en komen massaal naar De Keukenhof en ons museum. In het piekseizoen trekt het museum soms wel maximaal 9000 bezoekers per dag.”

Het aantal online bestellingen heeft ook bij het Van Gogh Museum een flinke vlucht genomen. Waar de webshop vier jaar geleden nog 300 orders per maand verwerkte en de aflevertijd rond de 5 dagen betrof, ligt dat aantal nu op 1000 orders die gemiddeld binnen 48 uur wereldwijd worden afgeleverd. Dat komt ook doordat de shop probeert in te spelen op speciale dagen als Black Friday, Single Monday en vader- en moederdag. “We ontwikkelen producten die bij die trends passen; een speciaal moederdagpakket bijvoorbeeld.”

Fotostudio op entresolvloer

Van Gogh Museum Enterprises doet het beheer van de webshop zelf. In het dc in Diemen is zelfs een soort tent neergezet die dienst doet als fotostudio. “Als we een product op de webshop onder de aandacht willen brengen, regelen we dat zelf. Met wat tijd en de mooie producten worden dan heel goede foto’s gemaakt. We hebben het allemaal in eigen huis en doen het dus zelf. En daar zijn we best trots op.”

Opslagruimte zonder ramen

Van Gogh Museum Enterprises begon met een magazijn in Amsterdam-Duivendrecht. Dat was 800 vierkante meter groot en 3 meter hoog. Dat werd te klein waarna er in Badhoevedorp twee opslagruimtes bij werden gehuurd. “In Duivendrecht zaten we onder een parkeergarage, zonder ramen en met een roldeur. Dat was het. We pickten en packten 300 orders per maand. Die pakketjes gingen de hele wereld over. Sommige dozen kwamen na een week aan, sommige na twee weken en ik heb ook weleens een pakketje na een halfjaar teruggekregen. Ik weet niet waar die doos allemaal geweest was, maar hij kwam in ieder geval terug.”

Bij de kantine en de kantoorruimte hangt een afbeelding van het schilderij Zonnebloemen.

Verhuizing in 2018

Van de museumdirecteur kreeg Peter Vogler de opdracht om de logistiek te professionaliseren. “Hij zei: maak er maar wat van.” Vogler kreeg daarmee de vrijheid om de logistiek volledig te optimaliseren. Alles wat Van Gogh Museum Enterprises over drie locaties verdeeld had, werd samengevoegd in het dc van 2250 vierkante meter in Diemen. Het warehouse is 12 meter hoog, herbergt 1400 verschillende artikelen, een fotostudio en beschikt over een compleet webshopmagazijn. Ook aan de veiligheid is gedacht: het (gecertificeerde) personeel loopt keurig over de geel gemarkeerde looppaden, er staan veiligheidshekken, ergonomische paktafels en de stellingen zijn beveiligd met aanrijdbeveiliging. En er is een moderne vloot.

“We begonnen met een stapelaartje die op maximaal 3 meter hoog wat pallets weg kon zetten en enkele pompwagens. We hebben er nu een extra stapelaar bij, maar werken ook met een reachtruck die pallets op 10 meter hoog kan wegzetten. Verder werken we met een snelle pallettruck en orderpicktrucks. Er zijn ook laad- en losperrons met dockshelters voor de vrachtwagens plus een hellingbaan voor busjes. Het is veel prettiger werken nu. Vroeger moest je een pallet in een container zetten, moest je die pallet vullen, eruit tillen en naar binnen rijden. Dat kostte heel veel tijd. Nu zet je een container tegen een dok aan en ben je in een kwart van die tijd klaar.”

Op een van de twee entresolvloeren is een speciale fotostudio ingericht.

Groener dan groen

Het Van Gogh Museum in het Museumkwartier van Amsterdam is een ‘Triple A-museum’, aldus Vogler. En daarom wilde hij ook een ‘Triple A-distributiecentrum’. Daar hoorde een zo duurzaam mogelijke inrichting bij, vond Vogler. “Alles is groen. We hebben ledverlichting en de lampen in het magazijn gaan uit op het moment dat er niemand is. We hebben volledig groene stroom, hebben CO2-neutraal gas, verbruiken zo min mogelijk accuzuur in onze trucks, onze vrachtauto rijdt zo schoon mogelijk en ga zo maar door. Ook hebben we maatschappelijk verantwoord ondernemen hoog in het vaandel staan. We werken bijvoorbeeld samen met zorginstelling Cordaan waar mensen met een lichamelijke dan wel een verstandelijke beperking werken die voor ons onder meer posters rollen of met de veegmachine het pand spik en span houden.”

Samenwerking met Royal Reesink

Van Gogh Museum Enterprises werkte bij de verhuizing van drie locaties naar één centrale locatie nauw samen met Koninklijke Royal Reesink, het moederbedrijf van MotracLinde, Reesink Logistic Solutions en Jean Heybroek. MotracLinde leverde de trucks, Jean Heybroek de schoonmaakmachines (zie kader) en RLS hielp bij het zo efficiënt mogelijk inrichten van het dc. “We zijn samen gaan rondkijken, hebben tekeningen gemaakt en zijn met elkaar tot heel goede plannen gekomen. Er stonden al stellingen en die hebben we overgenomen, maar deze hebben we wat anders gepositioneerd. Ook hebben we toen voor entresolvloeren gekozen. Deze hebben we in twee bestaande uithammen aangebracht zodat we aparte ruimtes konden creëren, onder meer voor het webshopmagazijn.”

In 2018 waren de plannen klaar. Vogler reisde met zijn team naar Diemen af om het magazijn schoon te maken en om uiteindelijk alles in gebruik te nemen. Daarmee is het Van Gogh Museum waarschijnlijk het eerste museum in Europa dat over een eigen dc beschikt. “Andere musea besteden de logistiek vaak uit aan partners, maar wij doen het in house. Dat levert veel voordelen op en daar zijn we trots op.”

Van Gogh is overal

De scherpziende kunstkenner die over de Diemense Stammerdijk rijdt, zou de loods van Van Gogh Museum Enterprises vrij snel kunnen herkennen. Niet aan de gevel, maar aan de kunstbloesemboom die naast het pand staat. Een verwijzing naar het schilderij Amandelbloesem dat Van Gogh voor zijn neefje maakte in 1890.

In het pand zelf is Van Gogh ook overal aanwezig. Bij de kantine hangt een afbeelding van het schilderij Zonnebloemen, de spreekkamer wordt gesierd door een afbeelding van Vissersboten op het strand van Les Saintes-Maries-de-la-Mer en aan de stellingen hangt een groot spandoek met een zelfportret dat Van Gogh maakte in de winter van 1887. “Wij willen dat de mensen die hier binnenkomen, echt het gevoel krijgen: ik ben in het dc van het Van Gogh Museum. Ik wil niet dat je denkt: dit is het zoveelste, stoffige warehouse.”

In samenwerking met Koninklijke Royal Reesink heeft Van Gogh het dc zo efficiënt mogelijk proberen in te richten.

Op de toekomst gebouwd

In samenwerking met Reesink Logistic Solutions heeft Van Gogh Museum Enterprises het warehouse zo efficiënt mogelijk proberen in te richten. Van de ruimte wordt dan ook optimaal gebruikgemaakt, benadrukt Vogler. Maar wat als de aandacht voor het Van Gogh Museum blijft groeien? Groeien ze dan niet uit hun jasje? Vogler: “We werken hier toekomstgericht.”

Op dit moment zijn er nog 300 palletplaatsen vrij in het magazijn. “We kijken constant naar onze voorraad en blijven bezig met het creëren van locaties. Zo houden we vervallen producten scherp in de gaten. Hoe lopen ze uit? En lopen ze uit, dan moeten we opschalen. Dat is een continu proces.”

Van Gogh Museum Enterprises deelt zijn distributiecentrum met Picnic. Een enkele wand scheidt de 10.000 vierkante meter van de online supermarkt nu met de 2200 vierkante meter van Van Gogh Museum Enterprises.

“Ik heb weleens gekscherend gezegd: we duwen Picnic er heel langzaam uit en dan nemen we hun ruimte over, haha. We zijn hier gewoon met mooie dingen bezig.”

Meer informatie: Reesink Logistic Solutions Motraclinde / Motrac Intern Transport

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven